monsterverhaal


Vorige week maakten we monstertjes met de eerste, tweede en derde klas. We tekenden allemaal een monsterhoofd op een blad, plooiden het blad over en gaven het door. Daarna een buikje, overplooien, de beentjes en de voeten. Toen we het blad openplooiden, was er grote hilariteit! Zo’n gekke monsters. We maakten er gekke tekeningen van.
Vandaag maakten een ‘sneeuwbalverhaal’ met de eerste, tweede en derde klas. We zaten allemaal in een grote kring. Iemand begint en zegt de eerste zin van het verhaal. Hij geeft (alsof) de sneeuwbal door. De volgende bouwt verder op het verhaal en zegt de volgende zin… Tot de sneeuwbal helemaal groot is en het laatste kind de eindzin van het verhaal vertelt…

Er was eens een groep monsters.
Die kwam een andere groep monsters tegen.
De twee groepen monsters gingen tegen elkaar vechten.
Ze vochten met zwaarden. Ook met schilden.
De eerste groep monsters was gewonnen.
Ze hielden een groot  overwinningsfeest met bruine moddertaarten en regenboogdrankjes.
Ze dansten de hele avond de modderregendans.
Er was ook een verschrikkelijke tovenaar bij.
Hij veranderde de monsters in kikkers.
Maar er waren twee monsters die konden wegglippen.
De tovenaar vond de twee weggeglipte monsters onder een bed van een kindje.
Er was een jager die gezien had dat de tovenaar de monsters in kikkers had veranderd. Hij volgde de tovenaar en maakten een uitdaging: de jager moest de naam van de tovenaar vinden. Hij kreeg hiervoor drie weken de tijd.
De jager vond een toverwaterput waarin hij drie wensen mag doen.
Hij vroeg aan de waterput: ‘Hoe heet de tovenaar?’
Het antwoord was: ‘Driss.’
Hij ging naar de tovenaar en zei: ‘Jouw naam is Driss.’
De tovenaar zei: ‘Ik heet helemaal geen Driss.’ Ik heb een andere naam.
Je krijgt nog één kans
De kans was: ‘Je moet mijn achternaam zien te vinden.’
Toen moest hij niezen.
Hij zei: ‘Volgens mij heet jij tovenaar… Ha…ha…ha…hatsjie!’
De tovenaar veranderde in een klein steentje!

Reacties